on-line en on-demand denken
Laatst gewijzigd op: 01-08-2006
In de serie Wat is: Kunst, Filosofie, Geluk, Waarheid, de Mens, Zijnen Tijd
Na de vraag "Wat is kunst?" te hebben besproken en geanalyseerd aan de hand van de methodes uit het boek Denkgereedschap van Paul Wouters is het nu tijd voor een andere interessante vraag. "Wat is filosofie?" Pas bij een tweede vraag kunnen we ontdekken of de methodes inderdaad zo effectief en doeltreffend blijven als ze lijken te zijn voor de eerste vraag. Ik kom tot allerlei werkhypotheses en daar zoek ik een conclusie bij.
Ik zal hier een aantal analyses loslaten op de vraag en daarmee proberen een soort totaalbeeld te scheppen. Het uiteindelijke antwoord kan slechts een persoonlijk antwoord zijn, maar dan is wel duidelijk welke alternatieven er zoal zijn. Verwacht geen eenduidig antwoord op de vraag. Zoveel zielen, zoveel meningen. Zie de alternatieven vooral als gedachten-experimenten. U hoeft het niet eens te zijn met de invulling die ik er aan geef. Het gaat mij om het laten zien van diversiteit bij beantwoorden van vragen.
Ik hanteer de methodes van analyse zoals beschreven in het boek Denkgereedschappen van Paul Wouters en voeg daar nog enkele eigen methodes aan toe.
In feite is ook deze vraag weer beantwoord door een schema te volgen en met kernwoorden en korte zinnen te werken. De uitwerking in deze tekst is dan wel uitgebreider, maar kenmerkt zich nog steeds door de verdichte conclusies en bevindingen. Ik acht zelf die stijl wel prettig, als men tenminste de benodigde aandacht en concentratie kan opbrengen. De benodigde aandacht is in ieder geval niet voor honderden pagina's. Dat is de kracht, maar ook de zwakte van de manier van werken.
De publicatie van dit stuk is bestemd voor Internet. Het is dan slim om zoveel mogelijk steekwoorden te gebruiken die door zoekmachines gevonden kunnen worden. Toch heb ik het gebruik van namen van filosofen vermeden. Het is ten slotte niet direct relevant voor hun werk wat hier gebeurd. De methodes zijn afgeleiden.
Eerst volgen nu de antwoorden vanuit de methodes met als laatste een conclusie. Veel leesplezier.
Zelfs een leek op het gebied van filosofie weet dat er veel leeswerk bij filosofie komt kijken. Het gaat om boeken, gesprekken over boeken, meningen en feiten in boeken of artikels. Andere verschijnselen zijn dat theorie en praktijk een eigen gebied innemen en dat er een rijk verleden is dat veelal gedomineerd werd door mannen. Soms is er een link met de religie, later met wetenschap.
Als overeenkomst lijkt duidelijk dat het gaat om wereldbeelden, analyses van de wereld. Deze analyses worden overgedragen en bediscussieerd.
In die overdracht schuilt het wezen, de essentie van de filosofie. Het gaat om een ontwikkeling van een wereldbeeld.
Met wereldbeeld bedoel ik het geheel aan opvattingen, meningen en percepties waarmee men als handelend wezen in de wereld staat.
De conclusie uit het vergelijk van verschijnselen en overeenkomsten en verschillen is dat filosofie een ontwikkelgereedschap is voor jezelf. Daarmee is nog niet verklaard waarom filosofie vaak een mannenkwestie was. Dat blijft een mysterie.
We bekijken de vraag nog eens aandachtig. In plaats van nu voorbeelden te zoeken kijken we naar de veronderstellingen. We hechten blijkbaar belang aan de vraag en denken dat een antwoord mogelijk zal zijn. Bovendien moet de filosofie dan iets eenduidigs zijn willen we een eenduidig antwoord kunnen geven.
De noodzakelijke voorwaarde om antwoord te kunnen geven op de vraag is dat filosofie al een betekenis heeft en dat de betekenis van het woord bruikbaar is om een onderscheid te maken. We gaan uit van de betekenis van filosofie als stroming.
Als we nu de vraag herformuleren zou die als volgt luiden: In hoeverre is filosofie onderscheidend van andere (theorie of praktijk) stromingen? Daar is geen algemeen antwoord op te geven. Men kan iedere stroming zo maken als men zelf wil.
Met het vorige antwoord in het achterhoofd, filosofie als ontwikkelgereedschap, kan dan iets extra's gezegd worden. Filosofie is iets persoonlijks. Als het om ontwikkeling gaat, gaat het om de persoonlijke ontwikkeling.
De dynamiek van filosofie is te vinden in tegenstellingen zoals theoretisch en praktisch of persoonlijke mening en algemene mening. Wat meer inhoudelijk is de dynamiek te vinden in de eigen taal van filosofen die steeds meer een algemene taal wordt.
Aansluitend bij het vorige punt kunnen we nu in deze dynamiek een these kiezen. De these is dat filosofie persoonlijk is. Een zaak van de filosoof en van de individuele mens die zich de filosofie eigen maakt.
De anti-these is direct duidelijk. De filosofie zou dan algemeen zijn. Ze biedt aan iedereen een handvest om de wereld te begrijpen.
Hoe vinden we hiervoor dan een synthese? We zien historisch de persoonlijke analyse van iemand door anderen overgenomen worden. Dat kan alleen gebeuren als de filosofie ergens goed voor is. De synthese is dan dat filosofie nuttig is.
Hiermee is de dialectiek weer klaar om verder te gaan.
De vierde methode geeft aan dat we nu eerst de ervaringen met filosofie als uitgangspunt moeten nemen. Dat zijn bijvoorbeeld denken, lezen, praten. Het gaat om abstracte discussies waar mensen soms geniale invallen uiten en mensen liefde hebben voor de dialoog.
Meer tactiel zijn dat ervaringen als dat je de spanning in de discussie proeft, dat je vooral letters en gezichten ziet, dat je vaak moeilijke woorden hoort.
De filosofie is er voor kinderen, voor geleerden, voor studenten, voor mensen van een heel ander vakgebied, van dode mensen en van levende mensen .
De ervaringen wijzen op uitwisselingen tussen mensen, communicatie. De belevingskwaliteit geeft aan dat het een speciale manier van communiceren is, met veel aandacht en concentratie. Van daar de conclusie dat filosofie een vorm van geconcentreerde communicatie is.
Ook bij de vraag wat filosofie is kunnen we kijken naar de context waarin de vraag gesteld wordt. Een adequaat antwoord is vooral afhankelijk van de context. Men verwacht ook andere antwoorden bij een leraar die zijn studenten antwoord geeft, dan bij een mens die zichzelf een antwoord geeft.
Vooral dit laatste komt bij de filosofie voor. De context wordt steeds terug gevoerd naar de relatie van de mens tot zichzelf. Je hebt hier ook weer de volgende taalhandelingen die aan de orde kunnen zijn:
In de relatie van de mens aan zichzelf gaat het vooral om het binden. De mens belooft zichzelf een adequaat antwoord op de vraag wat filosofie is. De vraag en dus de filosofie zelf is dan een binder, al zal deze denkstap niet door iedereen even gemakkelijk genomen worden. Binnen de taalanalyse valt dan het filosoferen samen met het zich verbinden aan zichzelf.
Voor de hermeneutiek zijn er verhalen nodig. Mijn eigen verhaal over de filosofie is als volgt:
Als jonge ouder wilde ik meer diepgang, meer uitdaging. Ik zocht naar een manier om in contact te komen met vreemde mensen om over de filosofie te praten. De nieuwsgroepen op Internet bleken geschikt. Het bleek me gemakkelijk af te gaan, maar ik liep wel tegen mijn gebrek aan kennis aan. Dat stimuleerde me om meer te lezen en te denken en vooral ook de omgangsvormen met anderen te ontwikkelen. Het valt me tegen dat anderen zich niet houden aan beleefde omgangsvormen.
We kunnen dit verhaal beoordelen naar aanleiding van vier verhaalvormen:
Ik denk zelf dat het een tragedie is, dat blijkt dat filosofieliefhebbers niet de door mij als juist geachte omgangsvormen hanteren. Maar vooral omdat ik ondanks de inzichten die ik geef niet tot erkenning kom. Anders zou het ironie zijn. Het is natuurlijk weer romantisch als je hoopt op duurzame intellectuele vriendschappen en komisch dat je soms grote denkfouten maakt.
De strekking van de verhalen die ik kan verzinnen is dat je de mensen leert kennen van zowel hun goede als hun slechte kant.
Een nieuw ironisch verhaal zou kunnen zijn dat je zelfinzicht toe neemt, maar de erkenning af. Dat gaf me vooral te denken. Mijn persoonlijke hermeneutische conclusie is dan ook dat het bij filosofie gaat om het verkrijgen van erkenning. Dat is nog belangrijker dan zelfinzicht. Je zou zelfs kunnen beweren dat zelfinzicht kan worden gezien als noodzaak bij gebrek aan erkenning.
De vraagstelling in eerste instantie niet serieus nemen is niet zo moeilijk. De vraag neigt ook wel naar gewichtigdoenerij. Er lijkt geen enkel begrip te zijn in de vraagstelling voor wat werkelijk belangrijk is, de huidige noden.
Als we de veronderstellingen ontkennen wordt duidelijk dat we geen enkele betekenis kunnen geven, want elk begrip, zoals het begrip filosofie, is volkomen vrij voor het gebruik in de taal.
In een vreemde context wordt de vraag belachelijk. Als je de vraag stelt aan de goudvis of de kat. Als de veroordeelde de vraag stelt aan de beul.
Het "fiele" zit ook in homofiel. "Liefde" blijkt dus alle kanten uit te kunnen gaan en geen vaste richting te hebben. Het heeft totaal geen richting en is dus problematisch.
Willen weten wat iets is blijft een daad van classificatie die gericht is op gebruiken en verbruik in de wereld. Dat kan dus ook problematisch zijn
Maar duidelijk wordt pas als we de haakjes anders zetten wat problematisch is. Filosofie geeft communicatie, maar geeft communicatie altijd filosofie?
De enige herformulering die nu mogelijk is, is dat filosofie een communicatievorm is. De vraag zou dan moeten zijn wat voor communicatievorm de filosofie is.
Wetenschappelijk gezien moeten we dan de communicatievormen gaan onderzoeken. Dat hebben we al enigszins bij punt 5 gedaan.
Voor welk probleem zou de vraag een antwoord zijn? Dat is de pragmatische aanpak. We willen natuurlijk weten wie er filosoof is en wie niet. Naar wie we kunnen luisteren om ons wereldbeeld bij te stellen. Wie we geld en middelen moeten geven om het denkwerk te doen.
Sociaal gezien zou een oplossing betekenen dat we een vaste groep mensen hebben die onze adviseurs en leermeesters zijn.
Verschillende oplossingen en hun consequenties zouden praktisch gezien de volgende zijn:
Nu moeten we de reacties inventariseren op dit soort praktische oplossingen. Het lijkt me duidelijk dat de oplossingen te formeel en bureaucratisch zijn en dat er nauwelijks ruimte is voor nieuwe of onpopulaire standpunten bij een filosoof. Er is dan geen vernieuwing mogelijk.
Maar de voorbeelden van een democratische praktijk geven wel aan dat duidelijk is dat filosofie kan worden gezien als beroep.
In de negende methode gaan we uit van de gevolgen. Wat zouden de gevolgen zijn als we het antwoord op de vraag wisten wat filosofie is? Niet alleen weten we dan wie er filosoof is of niet, maar we verkrijgen dan zekerheid in het leven over wat belangrijk is voor de mens.
De geherformuleerde vraag is dan ook welke zekerheden de filosofie de mens biedt.
Als andere oorzaken met de zelfde gevolgen ( de zekerheid wat belangrijk is ) zouden we ook enquêtes kunnen houden of opiniepeilingen. Hoe ziet men de filosofie? Wat is belangrijk voor de mens? Welke zekerheden zijn er? Als antwoord op de geherformuleerde vraag kan dan gelden dat waarschijnlijk het intermenselijke aspect van belang zal blijken, maar ook de individuele zielsrust.
Als we nu die verschillende oorzaken en de vragen vergelijken kunnen we proberen antwoord te geven op de oorspronkelijke vraag. Het blijkt dan dat het belang van de filosofie ligt in haar praktijk. Daar wezen die enquêtes en peilingen al op. De filosofie is een praktijk. Ondanks het mogelijk theoretische karakter van de inhoud van filosofie. En met praktijk bedoel ik dan dat de filosofie een sociale functie heeft.
Om met Heidegger te praten hebben we het hier over een lichtende waarheid. Het laat de praktijk zien als bepalend voor een waarde van in dit geval de filosofie.
De geherformuleerde vraag zou dan kunnen zijn: Met welke praktijk moet de mens rekening houden (in de filosofie)? Het voert hier nu te ver om deze vraag dezelfde bewerking te geven.
Alternatieve waarheden kan je dan nog onderzoeken, maar die zijn er hier niet te vinden. Filosofie haalt haar waarde volledig uit de praktijk.
In de conclusie gaan we na hoe de vraag kan verschillen. Dat kan in context van mensen, maar het blijkt vaak een relatie van iemand met zichzelf te zijn en dus verschilt de vraag vooral in tijd.
De verschillende antwoorden die hier gegeven zijn waren:
Hier vinden we meer eenduidigheid dan bij de vraag wat kunst is. Het blijkt toch wel sterk te draaien rond de communicatie. Het is mij duidelijk dat de verschillende antwoorden ook wel een eigen tijdsbeeld vertegenwoordigen, dat steeds moderner wordt. Van gereedschap tot praktijk.
Op de vraag welk antwoord ik persoonlijk zou willen geven zou ik dan misschien de meest actuele moeten kiezen. Maar ik neig toch meer naar filosofie als communicatievorm om te onderzoeken.
Ik verschil daar in van anderen dat zij misschien geen afstand willen nemen tot het onderwerp. Mijn antwoord heeft dan ook vooral zin voor wetenschappers en communicatiedeskundigen. Maar het blijft ook een persoonlijk antwoord dat een binder is aan mezelf om me bezig te houden met communicatie.
De laatste vraag in de conclusie is of ik dit verschil met de anderen, de afstand die ik voel en anderen misschien niet, wil oplossen of handhaven. Ik denk dat kennis over communicatie bij iedereen aanwezig hoort te zijn, maar de afstand kan ik niet oplossen. Of wel?
Laten we ook niet vergeten wat Gadamer over methoden schrijft in "Wahrheit und Methode": "Wat de instrumenten van de methode niet bewerkstelligen, moet en kan werkelijk tot stand worden gebracht door een discipline van vragen en vorsen die borg staat voor waarheid."
Het viel iemand op dat bij deze toepassing van methodes de antwoorden allemaal aangeven dat de filosofie op de mens gericht is. Als je dan bedenkt dat als inhoud van de filosofie bijvoorbeeld oorspronkelijk de oerstof, de ziel, of de metafysica de onderwerpen zijn, zal je geneigd zijn te denken dat filosofie ook iets meer is dan gericht op mensen.
Wat echter niet vergeten kan worden is dat filosofie als activiteit verricht wordt door mensen. De activiteit heeft verschillende motivaties, die in de antwoorden naar voren komen. Het gaat dus niet over de inhoud van de filosofie zelf. De inhoud van de filosofie kan natuurlijk wel over de mens gaan en haar existentiële vragen, maar dat hoeft zeker niet. De vraag was "wat is filosofie", niet "waarover gaat filosofie". Op die laatste vraag is denk ik geen eenduidig antwoord mogelijk. Op de eerste vraag is ook geen eenduidig antwoord. We hebben er slechts een aantal gezien, maar dat aantal zal zeker uitgebreid kunnen worden.
Wat zeker lijkt is dat filosofie een activiteit (praktijk) is, die hier vooral door mensen wordt beoefent met verschillende soorten motivatie en dus waarde.
Ik denk dat in die zin de antwoorden op de vraag naar wat de mens is of wat zijn is (beide gepubliceerd op het filosofenweb) een aanvulling kunnen zijn op de antwoorden wat filosofie is. In die zin horen de artikelen met de wat is vraag bij elkaar. Allemaal gebruiken ze dezelfde methodes en ik zie zelf een logisch verband om via kunst naar filosofie te gaan, van filosofie naar geluk en van geluk naar zijn om dan bij de mens te komen en dan ook iets te zeggen over de waarheid.
Geplaatst door: Leon Hoeneveld | 2006-08-01 00:01:00
05-03-2008
ik zou graag wat informatie hebben over een filosoof die over het thema "mijzelf" heeft gefilosofeerd.
ik heb wat gesurfd op het internet maar ik vind niets :s.
danku wel
groeten
Leon Hoeneveld 05-03-2008
Hoi,
via
http://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_filosofen
en dan naar:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Montaigne
Groetjes, Léon Hoeneveld
Leon Hoeneveld 11-03-2008
Wat me eigenlijk van mezelf opvalt is dat ik, ook weer, claims maak. Ineens leek me dit maken van claims een typische bezigheid die verbonden is met de filosofiepraktijk. Als je dan het "claimen" als natuurlijke eigenschap van het organisme beschouwd, dan biedt de filosofie als het ware vrijheid om de claims vorm te geven. Mochten de andere vormen om claims te doen, wetenschap, godsdienst, teveel vastlopen in hun beperkingen en begrenzingen, dan kan met de filosofie een nieuwe vorm gezocht worden die "in de mode" kan geraken.
Dat is nogal een claim die ik hier doe.
Stel nu echter dat ik zou proberen een claimloze claim te doen, dat is onmogelijk. Ik ben gebonden aan de praktijk van het claim maken. Mijn onderwerp raakt daarbij aan de praktijk zelf, het hoogste dat bereikt kan worden.
Even kijken of het mogelijk is een denkmethode te destileren uit de conclusie dat filosofie een claimpraktijk is die vrijheid schept voor het claimen, een vrijheid die in andere praktijken begrensd is. Stel dat we iedere verbale uiting als claim beschouwen dan zijn er grofweg drie mogelijkheden:
1) de claim is een reeds bekende claim, vele mensen denken dat filosofie een serie voetnoten bij Plato is, of bij Kant
2) de claim is een variant van een reeds bekende claim, waarbij de waarde van de claim is dat ze de mogelijkheid geeft net even anders naar de dingen te kijken
3) de claim staat in contrast met eerdere claims, waarbij de waarde van de claim is dat ze een nieuw paradigma biedt om naar dingen te kijken
Een nieuw paradigma biedt de maximale vrijheid maar kost ook heel veel energie om door te voeren. Een reeds bekende claim biedt geen aanvullende vrijheid. Een variant kost minder moeite en energie en heeft toch als mogelijkheid je los te maken van beperkingen en begrenzingen.
De denkmethode die ik dan voor ogen heb is dat je beoordeelt in hoeverre claims met antwoorden op een vraag energie kosten om door te voeren. Kost het geen enkele energie dan betreft het een reeds bestaande claim. Kost het buitengewoon veel energie dan betreft het een nieuw paradigma, een claim die in contrast staat met eerdere claims. Aangezien het veel energie kost biedt dit geen echte vrijheid. Kost de claim, het antwoord op de vraag enige energie, door bijvoorbeeld opgeroepen weerstanden in discussies die niet gemakkelijk te pareren zijn, dan betreft het mogelijk een variant van eerdere claims en dit biedt de meeste vrijheid. Het gaat er dan om te streven naar een claim die deze variant-eigenschappen heeft.
Hoe doe je dat? Door bijvoorbeeld de vraag naar de energiekosten heel letterlijk te nemen.
Je zal voor jezelf al moeite moeten doen om woorden te vinden die in andere betekenissen bekend zijn maar hier een subtiel andere inhoud krijgen. Het woord "claim" bijvoorbeeld gebruiken.
Deze site is auteursrechtelijk beschermd, op dit werk is de Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 2.5 Nederland licentie van Creative Commonsvan toepassing, tenzij anders vermeld.
Overzicht van alle RSS/Atom feeds van De Webfilosofen. Privacy polices en cookie beleid voor deze website
Deze website is geproduceerd door Markei WEBDISGN.